Hoe komt Ayoub aan een boerderij? (2)

Door: Marcel Vijn · 30 maart 2021
Categorie: Veehouderij en omgeving

De 22-jarige Ayoub Louihrani kreeg in 2020 bekendheid als de eerste en enige Nederlandse boer van Marokkaanse afkomst. Zoals ik in mijn eerste blog aangaf is de grootste wens van Ayoub een eigen boerderij in Nederland maar als dat niet lukt een eigen bedrijf in Marokko. Het zou jammer zijn om deze sympathieke Amsterdammer van Marokkaanse afkomst te zien verdwijnen naar het buitenland, dus wat is er nodig voor Ayoub om een bedrijf te starten in Nederland?

De markt op

Om erachter te komen waar nieuwe intreders als Ayoub tegenaan lopen, werkt Wageningen University & Research met een aantal Europese partners samen in het project Newbie. Voor dit project zijn een flink aantal nieuwkomers geïnterviewd in negen Europese landen. Als grootste knelpunten worden genoemd toegang tot geld (financiering), toegang tot land maar ook toegang tot de markt. In mijn eerste blog ging het over financiering en land en in deze blog wil ik het hebben over toegang tot de markt.

Het probleem is dat nieuwkomers in de agrarische sector vaak in de verkeerde volgorde werken: ik wil boer worden – hoe kom ik aan grond, een boerderij en geld? – en oh ja, aan wie ga ik mijn producten verkopen? Terwijl de volgorde andersom moet zijn: welke doelgroep/markt wil ik bedienen? – welke producten moet ik daarvoor maken? – wat heb ik nodig aan financiering, grond en opstallen? – en zo kan ik boer worden. Immers de gekozen afzetmarkt bepaalt de inrichting van je bedrijf en daarmee de financiering en grond die je nodig hebt voor dat bedrijf. Maar wat zijn de mogelijkheden voor Ayoub om een goede afzetmarkt te vinden? Ayoub onderscheidt zich van alle andere boeren in Nederland door zijn Marokkaanse afkomst. Natuurlijk kan hij Goudse kaas en Hollandse biefstuk gaan verkopen als hij dat graag wil. Maar hij zou ook zijn kennis van de Marokkaanse gemeenschap in Nederland als unique selling point (USP) kunnen inzetten.

Markt voor etnisch voedsel

Volgens het CBS zijn er in Nederland op 1 januari 2021 meer dan 400.000 inwoners met een Marokkaanse achtergrond. Dat biedt uiteraard kansen en niet alleen als het gaat om de verkoop van lammeren en schapen tijdens het offerfeest. Bekend is het verhaal van melkveehouder en zelfzuivelaar Jan Hogenboom uit Oudewater die met veel succes zijn Turkse yoghurt onder de merknaam Ciftlic in de markt wist te zetten. Ooit kwam ik bij een kleine melkveehouderij aan de rand van Amsterdam een Marokkaanse man tegen die elke week een emmer verse melk kwam halen om thuis volgens Marokkaans recept yoghurt te maken. Hier moet een markt voor zijn.

Kamelenmelk

Frank Smits is student aan de HAS in Den Bosch wanneer hij een onderzoek leest over kamelenmelk (van de éénbultige kameel, ook wel dromedaris genoemd). Hij raakt geïnteresseerd in het onderwerp en de voedzame werking van deze melk. Hij besluit zijn eindscriptie te schrijven over het houden en melken van kamelen (eigenlijk dus dromedarissen) in Nederland. Tijdens het schrijven hiervan concludeert hij dat kamelenmelk heel gezond is en nog niet geproduceerd wordt in Europa. De eiwitten in kamelenmelk zijn anders van samenstelling dan die in koemelk waardoor deze geschikt is voor mensen met koemelkeiwitallergie. De melk schijnt ook goed te zijn voor mensen met suikerziekte en maag-darm klachten en vol te zitten met vitamine C en lijkt qua samenstelling het meest op menselijke moedermelk. In landen waar de kamelen gehouden en gemolken worden, geeft de gemeenschap aan dat kamelenmelk een positief effect heeft op zieke mensen.

Terwijl zijn scriptie vordert, ziet Frank mogelijkheden voor het houden van kamelen in Nederland. Zijn ouders hebben geen agrarisch bedrijf en daarom moet hij creatief zijn als hij zelf kamelen wil gaan houden. Vlakbij zijn studentenflat in Den Bosch ligt een ongebruikt stuk grond dat op termijn bestemd is voor huizenbouw en daar begint Frank met drie drachtige kamelen. Nu houdt Frank 100 dieren op zijn boerderij in Berlicum. De dieren worden gemolken met een, door hem speciaal ontworpen, melkmachine. De voornaamste doelgroep voor kamelenmelk zijn Marokkanen, Somaliërs en Kenianen die in Nederland wonen en mensen met uiteenlopende gezondheidsklachten die merken dat kamelenmelk positieve effecten heeft. Tussen 8 en 9 uur ’s ochtends kunnen zij verse melk ophalen bij de boerderij. Daarnaast worden flesjes melk geëxporteerd naar vele landen in Europa voor dezelfde doelgroepen als in Nederland. Veel melk en kamelenmelkproducten worden via de webshop verkocht. Naast de kamelenmelkerij is een recreatietak ontstaan met o.a. rondleidingen op het bedrijf, (vergader)arrangementen en een Bed & Breakfast.

Syrische kaas

In het AD stond onlangs een artikel over de familie Aswad die in 2016 hun totaal verwoeste woonplaats Aleppo in Syrië ontvluchtte en terecht kwam in Leusden. In hun nieuwe woonplaats besloot vader Nidal kaas te gaan maken, in eerste instantie voor eigen gebruik. Hij klopte aan bij een melkveehouder in Leusden voor een paar jerrycans melk. Omdat de vraag maar bleef groeien, vroeg Nidal of hij op de boerderij kaas mocht maken en er werd een portacabin gekocht en omgebouwd tot kaasfabriekje. De portacabin was na verloop van tijd te klein voor de verder uitdijende vraag. De melkveehouder stelde daarom vorig jaar een deel van zijn werktuigenloods beschikbaar voor een grotere kaasmakerij.

Met hun snel groeiende kaasbedrijf Agban Al Shahbaa levert de familie Aswad Syrische kaas aan Arabische en Turkse supermarkten in een brede regio rondom Leusden. Ook bij landwinkel De Kastanjeboom in Bunschoten en Het Lokaal in Amersfoort ligt de kaas in de schappen. De ambitie is om de kaasproductie de komende jaren verder op te voeren en de verkoop uit te breiden naar zoveel mogelijk winkels en supermarkten in Nederland.

Dit zijn mooie voorbeelden voor Ayoub om in Nederland een markt te vinden voor zijn eigen bedrijf. (Meer voorbeelden zijn te vinden in het WUR-rapport Marktkansen voor etnisch voedsel en etnische diensten.) En als Ayoub weet welke doelgroep/markt hij wil bedienen, kan hij gaan nadenken welke producten hij wil maken en wat hij nodig heeft aan financiering, grond en opstallen. Hopelijk blijft Ayoub behouden als boer in Nederland, wordt de agrarische sector zo wat diverser en zorgen nieuwkomers als Ayoub voor innovatie in bestaande markten en het ontsluiten van nieuwe markten.

Lees meer:

Marcel Vijn

Onderzoeker multifunctionele landbouw en stadslandbouw

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *