Van kalf tot koe, maar hoe? Wat komt daar allemaal bij kijken?

Door: Jetta Heeres · 4 oktober 2017
Categorie: Veehouderij en omgeving

Wereldwijd wordt melk beschouwd als een waardevolle bron van dierlijke eiwitten. De Masai in Afrika zijn er zelfs letterlijk groot (lang) door geworden. Het besef dat melk een hoogwaardige voedingsbron is heeft ervoor gezorgd dat de mens in de afgelopen eeuwen gericht is gaan fokken op een steeds hogere melkproductie van koeien. Maar om de melkgift op gang te houden is het nodig dat koeien pakweg ieder jaar een kalf krijgen. Daarvan is maar een beperkt aantal nodig om de melkveestapel in stand te houden. De vrouwelijke kalveren (vaarskalveren) die niet nodig zijn en natuurlijk de stierkalveren, die immers nooit melk zullen produceren, worden verkocht. Zij vinden hun weg naar de vleeskalversector, maar daarover meer in mijn volgende blog.

Welke zorg heeft een kalf nu eigenlijk nodig om uit te kunnen groeien tot een nieuwe melkkoe? In ieder geval kost het tijd en aandacht. In deze blog richt ik me op enkele aspecten tijdens de belangrijkste fase in de opfokperiode, namelijk de eerste drie maanden. Uiteindelijk doel is dat het kalf na een optimale opfok op een leeftijd van ongeveer 24 maanden haar eerste kalf krijgt en vervolgens melk gaat geven.

Gezondheid: vitaal en weerbaar kalf

Een goede verzorging in de eerste levensdagen is van cruciaal belang voor het kalf. Zo is het essentieel dat het kalf zo snel mogelijk na geboorte de eerste moedermelk krijgt. Dit noemen we biest of colostrum. Dit is belangrijk omdat het kalf zonder afweer tegen mogelijke ziekteverwekkers wordt geboren. De eerste melk die de koe geeft heeft dan ook een hoge concentratie aan antistoffen (immunoglobulinen). De eigen afweer van het kalf ontwikkelt zich pas vanaf een leeftijd van 4-7 weken. Toch kent ook de afweer van jonge kalveren zijn grenzen. Daarom is een goede hygiëne en daarmee het laag houden van de infectiedruk, van groot belang. Ziekten waar het kalf op jonge leeftijd mee te maken kan krijgen zijn vooral diarree en luchtweginfecties.

Vier magen

Het kalf is een herkauwer en wordt dus geboren met vier magen: pens, netmaag, boekmaag en lebmaag. De lebmaag is feitelijk de echte maag. De andere drie vormen samen de voormagen. Als een kalf melk drinkt vorm zich als gevolg van de zogenaamde slokdarmsleufreflex een soort van tijdelijke slokdarm door de voormagen; daardoor komt de melk rechtstreeks in de lebmaag terecht. Hier wordt het verteerd en vervolgens verder afgebroken voor opname in de dunne darm.
De pens is een belangrijk fermentatievat waar het vaste voer (niet melk) wordt voorverteerd (gefermenteerd). Voor de ontwikkeling van de pens is het belangrijk dat het kalf al op jonge leeftijd, naast melk, ook krachtvoer en ruwvoer (bijv. luzerne, hooi) krijgt. Na ongeveer 9 weken worden de kalveren gespeend, wat betekent dat de kalveren geen melk meer krijgen en het rantsoen volledig uit kracht- en ruwvoer bestaat.

Kalf in opvang kalveren eerste twee weken.

Opvang eerste twee weken.

Huisvesting kalveren

Het is gebruikelijk om het pasgeboren kalf gedurende ongeveer twee weken individueel te huisvesten in een z.g. iglo of eenlingbox. Voordeel van individuele huisvesting is dat je dan een betere controle hebt op gezondheid, de voeding en de mest (diarree). Na deze opvang gaan de kalveren over naar groepshokken (stro) waar ze tot enkele weken na het spenen blijven. Kalveren gehouden in groepen leren van elkaar en ondergaan verdere sociale ontwikkeling (o.a. kuddegedrag).

Kalf bij de koe?

Een actueel, maatschappelijk thema is het na geboorte vroegtijdig scheiden van kalf en koe. In de gangbare melkveehouderij wordt het merendeel van de kalveren na geboorte vrijwel direct of binnen een dag van de moeder gescheiden.

Ook de politiek heeft zich hierover gebogen. In de Tweede Kamer resulteerde dit zelfs in een breed gesteunde motie van de Partij voor de Dieren. De uitkomst van de politieke discussie was dat de melkveehouder zelf verantwoordelijk is voor een adequate verzorging en er geen eisen worden gesteld aan de tijdsduur dat het kalf bij de koe zou moeten verblijven.

Hoe belangrijk zijn koe-kalfcontacten?

Naar aanleiding van de politieke discussie is in 2016 een rapport verschenen van een literatuurstudie en een enquête onder melkveehouders over de voor- en nadelen van het vroegtijdig scheiden van koe en kalf. Voor ons is dat tevens het startpunt van vervolgonderzoek. In opdracht van de melkveesector gaan we ons namelijk verder verdiepen in de mechanismen die schuil gaan achter de verschillende koe-kalfcontacten, zoals het drooglikken, de verzorging van het kalf en het zuigen bij de koe. Wat zijn de achterliggende redenen, functionaliteiten van dit natuurlijke gedrag?

Drooglikken van kalf door koe

Drooglikken van het kalf

Onze nieuwsgierigheid gaat daarbij vooral uit naar hoe deze contactmomenten bijdragen aan een betere gezondheid en welzijn van het kalf, waaronder de ontwikkeling van het afweersysteem en het verbeteren van de veerkracht van het jonge dier en de langetermijneffecten. De opgedane kennis kunnen we vervolgens ook gebruiken om de opfok van kalveren in de gangbare melkveehouderij te verbeteren.

Wil je nu al meer weten? Lees dan ook het onlangs verschenen essay ‘Kalversterfte kan minder als zorgvraag kalf centraal staat. Pleidooi voor een hernieuwde blik op kalveropfok’.

Jetta Heeres

Jetta Heeres

Projectleider kalveropfok en vleeskalverhouderij

Er is één reactie

  1. Door: Laurence · 30-10-2018 om 18:38

    Hallo,ik ga een kalfje kopen maar weet niet juist als het speciale verzorging nodig heeft of welke voeding het juist nodig heeft tijdens de winter en hoeveel

    Alvast bedankt

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *