Naar een nieuwe vorm van samenwerking op een landgoed

Door: Marcel Vijn · 13 november 2019
Categorie: Veehouderij en omgeving

Vorig jaar schreef ik de blog Sissinghurst: naar een nieuwe verbinding tussen landgoed, landschap en historie. In die blog vertelde ik over ons onderzoek naar verschillende verdienmodellen voor landgoederen en daarbij behorende samenwerkingsmodellen tussen landgoedeigenaar en pachter(s). Dus toen ik de kans kreeg om in het kader van het Europese project Newbie een kijkje te nemen op een ander landgoed in het Verenigd Koninkrijk en wel in Wales waar men door een bijzondere samenwerking een groot schapenbedrijf had gerealiseerd, liet ik mij dat geen twee keer zeggen.

Wales is perfect voor schapen

Rondleiding Coed Coch Farm Estate

Rondleiding op Coed Coch Farm Estate. Foto: Dick Boschloo

Op naar Coed Coch Farm Estate waar we met een Nederlands-Duitse delegatie agrarisch ondernemer Rhys Williams ontmoeten en de jonge schaapsherder Emyr Jones. De landgoedeigenaar is er niet, die heeft het druk, later zien we waarmee. Rhys heeft zelf met zijn vader een ander klein schapenbedrijf maar daar kunnen geen twee gezinnen van leven. Vandaar dat hij dit bedrijf heeft opgestart met 2.500 ooien op 900 acres (360 ha). Volgens Rhys is Wales perfect voor schapen vanwege het vele gras dat er groeit door de overvloedige regen. Gelukkig is het vandaag droog.

De eigenaar van Coed Coch Farm Estate, Harry Fetherstonhaugh, had al een schapenbedrijf (Texelaars) maar dat draaide niet zo goed. De kosten waren hoog door twee fulltime medewerkers en twee extra krachten gedurende het lammerenseizoen. Dus toen Rhys met een alternatief plan kwam, was hij meer dan welkom.

Share farming: een nieuwe vorm van samenwerking

Het concept heet share farming en is een joint venture van drie bedrijven: het bedrijf van Harry de landgoedeigenaar, Rhys de agrarisch ondernemer en Emyr de schaapsherder. Harry brengt het land in (opstallen zijn er nauwelijks omdat ze nu een Nieuw-Zeelands schapenras houden dat buiten zijn lammeren krijgt), Rhys het kapitaal voor de schapen en de quad (als ze een trekker nodig hebben dan huren ze die van de buren) en Emyr brengt zijn arbeid in. Emyr is de enige die een salaris krijgt, de opbrengst wordt verdeeld volgens de formule 50% voor Harry, 45% Rhys en 5% Emyr. Het is de bedoeling dat in de loop der jaren de verhouding 50/25/25 wordt. Omdat ze alle drie hun eigen bedrijf hebben en er niet of nauwelijks gemeenschappelijke bezittingen zijn, is de joint venture relatief makkelijk te ontbinden.

Ondersteuning

Natuurlijk is een en ander niet vanzelf gegaan, ze werden hierbij ondersteund door het Farming Connect Venture Programme van de Welsh Land Matching Service. In een periode van 4 maanden werden ze ondersteund door twee adviseurs van Farming Connect. Zij hielpen bij het ontwerp van het nieuwe businessmodel en bij het opstellen van de contracten.

Schapen Coed Coch Farm Estate

Uitzicht Coed Coch Farm Estate. Foto: Dick Boschloo

Na de uitleg in de oude kapel bij het landhuis (waarbij we het idee hebben dat elk moment een van de personages uit de Britse serie Downton Abbey kan binnenlopen) gaan we op weg naar de schapen. Onderweg komen we landgoedeigenaar Harry tegen die van het mooie weer gebruik maakt om op zijn paard te rijden. Boven op de heuveltop gekomen, overzien we het prachtige landschap. Groene heuvels zo ver het oogt reikt met in de verte een windmolenpark in zee. Hier lopen de schapen van de joint venture het hele jaar rond. Het zal niet altijd makkelijk zijn om hier te werken maar op een dag als vandaag begrijp je de aantrekkingskracht van het boerenleven hier in Wales.

Toekomstdromen

Als we weer naar beneden lopen, zijn we niet alleen onder de indruk van het landschap maar ook van de manier waarop de joint venture heeft uitgewerkt. Harry is van eigenaar van een verliesgevend schapenbedrijf op zijn landgoed 50% deelnemer geworden in een winstgevend schapenbedrijf. Rhys heeft de kans een bedrijf met voldoende omvang over te dragen aan een van zijn kinderen. Dat was niet gelukt met het kleine schapenbedrijf van zijn ouders. En Emyr, een jonge vent die schaapsherder wilde worden maar geen schapen en geen land had, kan nu als nieuwe intreder in de landbouw werken en gaandeweg een groter aandeel in het bedrijf verwerven. Een gezonde dosis ondernemerszin gecombineerd met een beetje hulp van de overheid bij de opstart kan tot mooie resultaten leiden.

Geïnspireerd vertrekken we van het landgoed en terwijl het landhuis in de verte verdwijnt, bediscussiëren we in de bus hoe we dit in Nederland van de grond kunnen krijgen. Als we daaruit zijn, zal ik daar uiteraard weer over schrijven. En als je hier ideeën over hebt, dan hoor ik ze graag, je kunt ze hieronder plaatsen.

Alle foto’s zijn gemaakt door Dick Boschloo.

 

Marcel Vijn

Marcel Vijn

Onderzoeker multifunctionele landbouw en stadslandbouw

Er zijn 2 reacties.

  1. Door: Daniel de Jong · 13-11-2019 om 15:05

    @Marcel; dank voor je verhaal. Wat (hoeveel tijd/euro’s) investeerd de overheid via Welsh Land Matching Service in het begeleiden van naar zo’n samenwerking

  2. Door: Marcel Vijn · 14-11-2019 om 10:39

    Ik weet het niet precies voor deze samenwerking maar gemiddeld bedragen de kosten tussen de 2.000 en 3.000 pond per match.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *