Speuren naar visserij afval in de Walrusbaai

Vanochtend vroeg kwam Jan Mayen in zicht, de eerste bestemming van onze expeditie naar afval. Jan Mayen is een vulkanisch eiland dat midden in de Noord-Atlantische Oceaan ligt, tussen Groenland, IJsland en Spitsbergen in. Het is een spectaculair eiland, dat qua vorm lijkt op Terschelling, en waar aan de noordkant de enorme vulkaan Beerenberg ligt. Dit is de meest noordelijke actieve vulkaan van Europa. De Beerenberg is ook de hoogste Noorse berg (bijna 2300m). Helaas is de top vandaag in wolken gehuld en laat zich niet zien.

De Ortelius gaat ten anker bij de Batvika en daar maken we per zodiac een veilige landing op het zwarte lavastrand. Hier wacht de Station Commander Tore Arnesen Wensel alle passagiers op. Na een algemene uitleg over het eiland gaan de meeste passagiers een wandeling maken over het eiland. Tore neemt ons tweeën in één van de eilandjeeps mee naar een paar afgelegen stranden zoals de Noord Lagune, om daar het afval te bekijken.

Afvalmonitoring op Jan Mayen

Vervolgens rijden we naar de Kvalrossbukta (Walrusbaai) waar wij onze afvalmonitoring starten. Dit is de eerste monitoring op Jan Mayen die volgens de methodiek van de OSPAR Marine Litter Monitoring wordt uitgevoerd. Op het strand liggen veel boomstammen en tussendoor walvisbotten, nog uit de tijd van de walvisvaart: grote stukken schedel en enorme ribben. In de 17e eeuw hebben Hollandse walvisvaarders hier binnen een paar decennia de populatie walvissen gedecimeerd.

We zetten een vak van 100 meter uit en starten de monitoring, waarbij we elk stuk afval afvinken op een lijst van ruim 200 typen afval. Na ongeveer anderhalf uur komen de eerste wandelaars aan op het strand, en vormt zich spontaan een klein clubje passagiers die ons een handje helpt met tellen en verzamelen van het afval. En dat blijkt aan het einde van de telling behoorlijk wat te zijn; op dit 100 meter brede stuk strand tellen we maar liefst 501 stuks afval.

visserij afval en consumentenafval op het strand

Veel visserij afval

De categorie ‘stukjes plastic’ is met 114 stuks op 100 meter het meest omvangrijk. Van het herkenbare afval is veel afkomstig van de visserij: 104 drijvers of stukken van drijvers, resten van netten (26), kluwen touwen en netten (20) en veel stukken touw (43). Ook vallen de hoeveelheid plastic flessen (11) en doppen (28) op.

Meer consumentenafval op Nederlandse stranden

Ter vergelijking pakken we een 10-jarig overzicht van OSPAR monitoring langs Nederlandse stranden erbij (2002-2012). Het gemiddelde resultaat per 100 meter op vier Nederlandse stranden in die periode was 395 stuks afval; op Kvalrossbukta ligt 501 stuks. Wat ten opzichte van de Nederlandse situatie het meest opvalt, is het verschil in drijvers afkomstig uit de visserij: in Nederland gemiddeld 0,6 per 100m en in Jan Mayen maar liefst 104. Aan de andere kant komen we op Kvalrossbukta vrijwel geen consumentenafval zoals snoepverpakkingen tegen. Kortom, het is duidelijk dat op dit eiland visserij en mogelijk ook scheepvaart de grootse bronnen van afval zijn. Om de herkomst van de netten te kunnen bepalen, nemen we een paar stukken mee.

..op dit eiland zijn visserij en mogelijk ook scheepvaart de grootse bronnen van afval.

Verder zijn er nog een paar bijzondere vondsten, zoals een heel klein speelgoedcruisescheepje en… een mensenkies – wellicht van een Nederlandse walvisvaarder met scheurbuik?

Sokken van oude visnetten

In het kleine huisje aan de baai schrijven we een stukje over onze monitoring in het gastenboek. We geven de Station Commander als dank voor zijn hulp een kruik Corenwijn en vijf paar Healthy Seas sokken, gemaakt van oude visnetten. Nadat het anker opgaat, varen we onderlangs de Beerenberg naar onze volgende bestemming: Spitsbergen. Ook daar zullen we enkele stranden bezoeken om nauwkeurig het strandafval te onderzoeken. We zijn vooral geïnteresseerd om te weten of er verschillen of overeenkomsten zijn met Jan Mayen.

De expeditie én de blog Arctic Marine Litter is een samenwerking tussen Wouter Jan Strietman en Eelco Leemans

Lees meer over de expeditie

Wouter Jan Strietman

Wouter Jan Strietman

Onderzoeker bij Wageningen Economic Research

Er is één reactie

  1. Door: Mick Otten · 18-06-2017 om 20:32

    Zou het verschil in hoeveelheid plastic afval tussen het strand daar en het Nederlandse strand ook veroorzaakt kunnen worden, doordat het NL-strand zand(erig) is en afval deels wordt ondergestoven door zand?

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.