Nu weet ik wat ik wil worden… studiekeuze kost tijd

Door: Hermien Miltenburg · 29 mei 2018
Categorie: Studeren, Tussenjaar

Toen ik Kars Hüsken voor het eerst zag viel me meteen op dat hij blij en zelfverzekerd de wereld inkijkt. Een student die goed in zijn vel zit… Natuurlijk vroeg ik hem wat hij studeert. ‘Tsja.. dat is nogal een verhaal’ zei Kars… en meteen brandde hij los over milieu, dieren, ecologie, ‘wildlife’, koralen, duurzame visserij… Ik vroeg hem: ‘Maar wat doe je nou eigenlijk en wat wil je later worden?‘ Ja’, zei Kars, ‘dat vragen mijn ouders me ook altijd. Ik heb ook lang gezocht. Maar nu weet ik wat ik wil worden’. Nou, dat kun je ook wel aan hem zien.
Ik vraag hem naar zijn zoektocht naar zijn ‘ideale studiedoel’.

'Ik ben bijna klaar met mijn studie. Nu weet ik wat ik wil worden'

‘Ik ben bijna klaar met mijn studie. Nu weet ik wat ik wil worden’, zegt Kars Hüsken.

Keuzes maken

‘Met mijn ouders heb ik een open relatie. En ik heb ook altijd veel met ze gepraat over de keuzes die ik maakte. Niet alleen mijn studiekeuze. Ik praat over haast alle mogelijke keuzes die ik maak.
Ik denk eigenlijk dat mijn ouders vroeger al wat ‘zaadjes hebben geplant’ in mijn hoofd… Me kennis hebben laten maken met allerlei interessante dingen. Natuurlijk ging ik ook steeds meer mijn eigen interesses aangeven. En als ik dan moest kiezen, dan praatten we daar zeker over. Mijn ouders leerden me al vroeg eigen keuzes te maken. De studiekeuze deed ik eigenlijk op dezelfde manier. We praatten over wat ik interessant vond. Mijn ouders vonden het belangrijk dat ik iets koos wat ik echt interessant vond. ‘Iets met dieren’… dat sprak me eigenlijk het meest aan. Maar wat ik dan concreet als ideale beroep zag in de toekomst? Geen idee. Nu, bijna aan het eind van mijn studie, nu weet ik wat ik wil worden’.

Gewoon gaan kijken

‘Ik ben gewoon gaan kijken naar opleidingen met dieren. Zo kwam ik ook bij mijn huidige opleiding. Mijn moeder kende weer de moeder van een meisje dat hier studeert. Zij heeft me toen gewoon een dagje meegenomen. Vervolgens ben ik gewoon tussen de andere studenten gaan zitten die college kregen en heb alles op me af laten komen. Ik mocht niet naar het practicum, maar toen ben ik gewoon gaan rondlopen op de Campus. Ik ben een paar gebouwen binnengelopen. Overal waar geen poortjes waren kon ik gewoon naar binnen. Dat wou ik liever dan aan een officiële meeloopdag meedoen’.

Twijfel in het eerste jaar

‘Ik ging Dierwetenschappen studeren. Ik wou eigenlijk iets met dieren in het wild, ecologie, honden en katten of andere gezelschapsdieren… Maar in het begin kwam dat helemaal niet aan bod.  Ik twijfelde echt of ik wel goed zat. Over die basisvakken in het eerste jaar heb ik ook best lang gedaan.
Maar een heleboel dingen liepen ook wel lekker. Ik had een fijne kamer, bijvoorbeeld. Dat is voor mij ook belangrijk, dat ik een vaste stek heb. Ik moet me ergens goed voelen, dan kan ik beter studeren’.

Vrije keuze

‘Gelukkig ontdekte ik dat ik na het eerste studiejaar veel vrije keuzevakken had. Ik kon mijn studie compleet zelf invullen. Zo ontstond er een hele ontwikkeling in mijn hoofd. In deze studentenstad is in het weekend weinig te doen. Ik ging regelmatig naar mijn ouders. Hun vaste vraag was eigenlijk altijd: en hoe was het deze week? Stukje bij beetje vertelde ik ze welke keuzes ik maakte, welke vakken ik graag zou willen volgen… en langzaam maar zeker werd het steeds duidelijker welke richting ik op zou gaan.
Mijn ouders moesten wel erg hun best doen dat allemaal te volgen. ‘Wat doet Kars?’ vroegen hun vrienden. ‘Wat gaat hij later worden?’. Mijn ouders konden daar geen goed antwoord op geven. Omdat ik het zelf ook nog niet zo scherp had’.

Dierentuinen

‘Dierentuinen en wilde dieren vond ik altijd geweldig. Daar wou ik wel wat mee. Maar wat precies?
Ik had besloten na mijn bachelor een half jaar in Zuid-Amerika rond te reizen. Dan moest ik wel flink aanpoten om al mijn bachelorvakken op tijd te halen. Maar gelukkig was ik na drie jaar klaar met mijn bacheloropleiding. Om een volledige universitaire studie af te ronden moet je daarna ook nog een masteropleiding doen. Maar welke master dan?
Enfin, eerst maar naar Zuid-Amerika waar ik de eerste twee maanden in de de Amazone was. Daar heb ik als vrijwilliger gewerkt in een dierenopvangcentrum. Er waren daar alle mogelijke soorten dieren. Parkietjes, vijf soorten apen, neusbeertjes en zelfs een indrukwekkende tapir… alle mogelijke soorten jungledieren. Ik kon mijn hart ophalen. Na deze periode wist ik welke master ik wou gaan doen’.

nu weet ik wat ik wil worden

Kars: ‘Koraalriffen redden of voorkomen dat de zee leeggevist wordt’.

Nu weet ik wat ik wil worden

‘Ik wil vooral iets betekenen voor de maatschappij. Tussendoor heb ik nog even overwogen of ik een heel andere master moet gaan doen, maar eigenlijk is dat niet nodig. Ik heb met mijn studieadviseurs gepraat en ik kan verschillende masteropleidingen combineren binnen mijn master. Dan heb ik een uniek lesprogramma. Nu weet ik wat ik worden wil en ga de vakken die ik volg daarop afstemmen. Dat doe ik in overleg met mijn studieadviseur. Zo krijg ik echt een uniek afstudeerprofiel’.

Voorkomen dat de zee leeggevist wordt

‘Een richting die me aanspreekt heeft te maken met visserij. Ik wil regeringen en organisaties adviseren in hoe je kunt voorkomen dat de zee leeggevist wordt. Dat zou ik dan bijvoorbeeld in een ontwikkelingsland willen doen. Daar valt nog veel te verbeteren. De vissers hebben soms een heel korte termijn visie. Ze willen vooral nú vis vangen en de kost verdienen. Maar samen met alle belanghebbenden moet je ook naar de toekomst kijken. Hoe kunnen we duurzame visserij realiseren? Je zou ook kunnen kijken naar viskweek in gesloten systemen. Je kweekt dan vissen in grote bakken en zorgt ervoor dat het afval, dat die vissen produceren, op een duurzame manier verwerkt wordt. Zo geef je een nieuwe toekomst aan duurzame visserij’.

Koraalriffen redden

‘Ik zou ook heel graag willen gaan werken aan het behoud van koraalriffen. Ook daar kun je een heleboel betekenen voor de wereld. Koraalriffen kunnen ook betekenis hebben voor eco-toerisme. Daar kunnen veel mensen werk in vinden. Ik zie wel dat vissers omgeschoold zijn in werken voor het (duik)toerisme. Zo houden mensen werk en wordt de aarde gespaard’.

Puzzel oplossen

‘Ik heb geleerd dat het niet altijd gaat om ‘gelijk hebben’. Samen met belanghebbenden moet je kijken naar oplossingen waar iedereen wat aan heeft. Dat is soms een enorme puzzel. Maar dat vind ik ook uitdagend. Daar wil ik me later graag mee bezighouden’

Nu weet ik wat ik wil worden

‘Nu weet ik wat ik wil worden en vooral wie ik wil zijn. Natuurlijk werk ik ook aan mijn baankansen. Er is veel vraag naar mensen die met digitale landkaarten kunnen werken. Ik volg een minor geo-information science. Dat past heel goed bij de doelen die ik heb. Of het nou gaat om koraalriffen of voorkomen dat de zee leeggevist wordt.. als wetenschapper moet je daar wel harde gegevens bij leveren. Als je om kunt gaan met digitale landkaarten is dat zeker een voordeel’.

Lees ook het verhaal van Joost: ‘Je weg zoeken binnen een studie‘.

Hermien Miltenburg, oudervoorlichter

 

Hermien Miltenburg

Hermien Miltenburg

Oudervoorlichter bij Wageningen University & Research

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.