Ik wilde écht niet op kamers. Maar nu…

Door: Hermien Miltenburg · 22 mei 2021
Categorie: Studiekeuze

‘Ik wilde écht niet op kamers… geld lenen… alles zelf uit moeten zoeken… het leek me helemaal niks. Op kamers.. nee, daar had ik geen zin in’. Zo begint Bine Liem, tweedejaars studente Voeding en Gezondheid haar verhaal over haar studiekeuze.

ik wilde écht niet op kamers

Bine Liem

Zoeken naar een universiteit in de buurt. Ik wilde écht niet op kamers

‘Ik woon in de buurt van Amsterdam, dus ik had ruime keus om een universiteit of hogeschool in de buurt te zoeken. En dat heb ik ook gedaan. Ik ben naar de open dagen van verschillende instellingen in de Randstad geweest. En ik heb ook naar een aantal verschillende opleidingen gekeken. Maar eigenlijk was er niets dat me écht aansprak. Tot ik toevallig op het spoor van ‘voeding’ kwam’.

Het thema voeding sprak me meteen aan

‘Ik had al eerder gedacht aan Geneeskunde en toen ben ik eens gaan kijken wat er allemaal voor opleidingen waren op het gebied van gezondheid. Dat zijn er heel veel. En zo kwam ik op het thema ‘voeding’ uit. Dat onderwerp sprak me meteen aan. Ik realiseerde me dat ik mijn studiekeuze tot dan toe toch wel had gemaakt op basis van de stad. Een stad dichtbij mijn ouders, wel te verstaan. Ik realiseerde me dat mijn studiekeuze eigenlijk een keuze voor de studie moest zijn. En niet een keuze voor de locatie’.

Ik wilde écht niet op kamers. Maar nu...

Het leuk me allemaal doodeng. Ik wilde écht niet op kamers

‘Al zoekend naar de beste opleiding op het gebied van voeding kwam ik in Wageningen terecht. Daar was alles nieuw en eng. Van mijn middelbare school ging niemand naar Wageningen. Hoe zou ik daar dan nieuwe vrienden kunnen vinden? Zou ik me niet erg alleen voelen? Maar nu… Op kamers gaan bleek helemaal niet zo griezelig. Ik merkte al snel dat eigenlijk iedereen in hetzelfde schuitje zat. Iedereen moest wennen aan het nieuwe leven. En al snel voelde ik me helemaal op mijn plek’.

De introductie kun je niet missen

‘De introductieweek was heel belangrijk voor mij. Al snel ontmoette ik een heleboel studenten van mijn studie en ook van andere studies. Ik werd ook lid van een vereniging en daar ontmoette ik ook weer veel nieuwe mensen. Zo’n introductieweek kun je echt niet missen. Die geeft je snel houvast. Als je naar college gaan en je komt in een zaal waar zo’n 150 mensen zitten en je kent daar niemand… nee, dat is niet leuk. Maar ik zag al snel een paar studenten die ik kende van de introductieweek. Het is heel fijn als je dan naast zo’n student die je al kent kunt gaan zitten. Dat maakt alles veel minder spannend’. 

Ik wilde écht niet op kamers. Maar nu… Het leukste aan ‘op kamers’ is het koken

‘Mijn leven op kamers bevalt me nu super goed. Ik vind het heerlijk dat ik zelf kan bepalen wat ik eet en wat ik kook. Ik eet vegetarisch, soms veganistisch en mijn vader is een enorme vleeseter. Mijn moeder heeft allerlei allergieën. Dus eten waar ik zin in had, dat kon natuurlijk niet altijd toen ik nog bij mijn ouders woonde. Maar nu bepaal ik dat allemaal zelf. Ik kan klaarmaken wat ik wil’.

Gezellig met mijn vriendinnen

‘Ik doe vaak de boodschappen samen met mijn nieuwe vriendinnen, dan koken en eten we samen en we doen er een drankje bij. Super gezellig. Als ik bij mijn ouders ben, en mijn vriendinnen van vroeger van de middelbare school ontmoet, zit ik toch wel te denken:  ‘maar wat zullen we nu gaan doen?’ Want de gezelligheid van samen met je maaltijd bezig zijn, waar ik nu aan gewend ben, dat kan natuurlijk niet bij je ouders’.  

Weer meer op de Campus

‘Aan het begin van dit studiejaar waren er best veel studentenhuizen waar er Corona was. Toen voelde k me ook best wel eens eenzaam. Maar gelukkig valt dat nu wel weer mee en kunnen we best met een klein groepje samen eten. Naar feestjes enzo ga ik niet, dat vind ik niet verantwoord. Ik wil graag naar de Campus blijven gaan. Dat kan nu zo’n twee-drie keer per week voor een paar uurtjes. Daar doen we dan laboratoriumwerk of heel belangrijke werkcolleges waarvoor je echt in een groepje aan de slag moet gaan. De hoorcolleges zijn online’.

Binnenkort hybride hoorcolleges

‘Binnenkort mogen er 30 studenten per keer fysiek bij een hoorcollege aanwezig zijn. De andere studenten volgen de lezing die de docent geeft dan online. ‘Hybride’ noemen ze dat. Ik vind het fijn om af en toe echt bij zo’n lezing aanwezig te zijn. Maar ik zal ook zeker af en toe de colleges online volgen. Dat kan op het moment zelf maar je kunt ook achteraf naar zo’n college kijken. En als Corona voorbij is zijn we gelukkig weer bijna de hele week gewoon op de Campus. Daar kijk ik wel naar uit’. Bine Liem

 

Hermien Miltenburg

Oudervoorlichter bij Wageningen University & Research

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.