Studiewoordenlijst van Elsevier Weekblad en DUO

Door: Hermien Miltenburg · 22 april 2019
Categorie: Studeren

Vindt uw zoon of dochter het prettig als u meegaat naar een open dag? Dan hoort u ook een aantal ‘vreemde’ woorden. Op een hbo of universiteit zijn bepaalde woorden heel gewoon. Maar wat betekenen die dan? Elsevier Weekblad heeft er een paar op een rijtje gezet. Ik vul de studiewoordenlijst aan met woorden van DUO.

studiewoordenlijst

Studiewoordenlijst van Elsevier Weekblad

Elsevier weekblad geeft ieder jaar een magazine uit waarin een paar heel zinvolle artikelen over studeren in staan. Heel bekend is het overzicht: ‘de beste studies op hbo en wo‘. In diezelfde uitgave staat het artikel ‘Wat komt er op je af?’ Daarin staat ook een lijstje met de speciale woorden die bij studeren horen. Die woorden hoort u vast als uw kind studeert. Maar ook als uw kind nog studiekiezer is, leert u deze woorden kennen. Wat betekenen ze?

Belangrijkste studie woorden volgens Elsevier

Lees vooral het artikel van Elsevier. Ik pik er een paar veelgehoorde woorden uit:

  • Alumnus, een moeilijk woord voor iemand die is afgestudeerd.
  • Bama, na de middelbare school begin je met een bacheloropleiding. Daarna kun je een masteropleiding gaan doen.
  • BSA, Bindend Studieadvies. Dat is het minimum aantal studiepunten dat je moet halen in je eerste jaar.
  • Curriculum, betekent gewoon vakkenpakket of inhoud van de opleiding.
  • ECTS oftewel studiepunt. Hier draait heel veel om op het hbo en de universiteit. Lees vooral het artikel over studiepunten.
  • Faculteit, gewoon een afdeling rondom een bepaald breed vakgebied.

Nog meer moeilijke woorden

  • Hoorcollege, in een groep luisteren naar een docent. Er zijn ook werkcolleges. Dan doe je meteen de opdrachten en je kunt makkelijker vragen stellen dan tijdens een hoorcollege.
  • Major, dat is de hoofdrichting waarin je afstudeert. Ze noemen dit ook wel eens specialisatie of ‘track’.
  • Minor, dat is je vrije keuze vakkenpakket om je studie te verdiepen of een stukje van een andere studie te doen.
  • Numerus Fixus of decentrale selectie opleiding. Voor één derde van de opleidingen moet je een speciale selectieronde door zien te komen.
  • Propedeuse, is in principe het eerste studiejaar van je opleiding. Op de universiteiten hoor je deze term veel minder.

Studiewoordenlijst van DUO (studiefinanciering)

Ook de DUO, die de studiefinanciering uitvoert heeft een eigen woordenschat. Die horen ook bij de studiewoordenlijst

  • Aanvullende beurs, is het geld dat een student krijgt als de ouders minder inkomsten hebben of als er meerdere studerende kinderen zijn.
  • Collegegeldkrediet, is het geld dat je kunt lenen om het collegegeld te betalen.
  • DUO, Dienst uitvoering Onderwijs, zij regelen de studiefinanciering. En ook weer het terugbetalen van de studielening.
  • Reisproduct, is de OV kaart die iedere student krijgt. Je moet dan wel binnen tien jaar afstuderen.
  • Studiefinanciering. Het geld dat studenten krijgen of lenen om te studeren. De studiefinanciering bestaat uit de aanvullende beurs, de OV kaart, de lening en het collegegeldkrediet.
  • Studielening, is het geld dat je kunt lenen om te studeren en de kosten van levensonderhoud te betalen.

Studiewoordenlijst op universiteit en hogeschool. Wie is wie?

Er zijn ook namen van functionarissen op hbo en universiteit die mogelijk nieuw voor u zijn. Die horen ook op een studiewoordenlijst.

  • Een studieadviseur of studieloopbaanbegeleider kun je vergelijken met een mentor. Hij is het eerste aanspreekpunt
  • Een studentendecaan is er voor studenten die extra zorg nodig hebben. Hij weet ook alles van speciale regelingen
  • De studentenpsycholoog is er o.a. voor studenten die problemen hebben met studiestress. Er is vaak ook een studentenarts
  • Een onderzoeker werkt op het hbo of universiteit aan een onderzoek. Vaak zullen studenten hieraan een bijdrage leveren als ze wat verder zijn met de studie
  • Een student-assistent kun je als student al snel zijn. Ouderejaars helpen bijvoorbeeld mee bij practica en in werkgroepen. Dan heet zo iemand ook wel tutor of practicum-assistent
  • De rector-magnificus is ‘de hoogste baas’ op de universiteit. Hij zit in de Raad van Bestuur of het College van Bestuur
  • Een lector (hbo) is te vergelijken met een professor of hoogleraar op de universiteit
  • De opleidingsdirecteur is dan weer de baas van de docenten van de opleiding
  • Een student is de (meestal) ploeterende jongere waarvoor dit allemaal is bedacht. De medestudenten noem je studiegenoten en woon je bij ze in huis, dan zijn het natuurlijk huisgenoten
  • Een studiekiezer is de scholier die dit allemaal gaat meemaken als de studie eenmaal gekozen is.

Wat is een leuke studie?

Vragen over lastige termen?

Iedere beroepsgroep heeft zo zijn eigen woordgebruik. Komt u woorden of begrippen tegen die u niet goed begrijpt? Fijn als u dat wilt melden in onderstaand reactieblok. Ik zal die lastige begrippen dan uitleggen en andere ouders en scholieren hebben daar dan ook iets aan. Zo maken we de studiewoordenlijst samen steeds completer.

Hermien Miltenburg

Hermien Miltenburg

Oudervoorlichter bij Wageningen University & Research

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.